Hoe gaat dat, meertalig opgroeien?

Discussie
Tekst: 
Ludo Permentier
06/09/2011

Toen Hannah geboren werd, woonden haar ouders Jan en Inge in Sjanghai. Vanaf haar geboorte was er een Chinese hulp in huis, die ook de kinderoppas werd. Alle communicatie tussen Hannah en de huishoudster verliep in het Chinees, met haar ouders ging het in het Nederlands.

Het leek er lang op dat Hannah hopeloos in de war was met de twee talen die ze tegelijk te verwerken kreeg. Ze was bijna twee jaar en begreep goed Nederlands én Chinees, maar er kwam geen woord uit. Toen ze met Kerstmis een maand in België was, hoorde ze daar alleen Vlamingen en plots begon ze Nederlands te spreken. Ze gebruikte zelfs moeilijkere woorden zoals aardbei en appelsap.

Toen ze na die maand weer in China kwam, begreep ze geen woord meer van het Chinees van de huishoudster. Het duurde enkele maanden voor dat terug op gang kwam, maar later ontwikkelen beide talen zich heel snel, hoewel er intussen ook Engels bijgekomen was, wat Hannah leerde in de internationale kleuterklas.

“Het is fascinerend te zien hoe een kind van tweeëneenhalf jaar erin slaagt om drie talen te onderscheiden,” vertelt vader Jan. “Nederlands is de taal van mama en papa, met de huishoudster spreekt ze lange zinnen in het Chinees. Meestal wisselt ze onbewust tussen de talen, afhankelijk van de persoon met wie ze converseert. Ze beseft dat mensen anders spreken, want als ze gevraagd wordt hoe de huishoudster poes, broertje, rijst en dergelijke basiswoorden zegt, dan komt ze met de Chinese vertaling op de proppen, perfect geïntoneerd. Als Hannah kinderen ziet, begint ze spontaan Engels te spreken, of het nu Chinese of westerse kinderen zijn. In haar taalsysteem is Engels blijkbaar de taal van kinderen.”
 
We zijn nu zeven jaar verder. Het gezin, intussen met drie kinderen, woont in de Kempen. Hannah verstaat geen Chinees meer en van het Engels is ook niets overgebleven. Met veel moeite leert ze nu Frans als tweede taal op school.